Persbericht: Organisaties vechten wapenexportvergunning Egypte bij rechter aan

Het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten (NJCM) en vredesorganisaties PAX en Stop Wapenhandel zijn vandaag in beroep gegaan tegen de verstrekking van een wapenexportvergunning door de Nederlandse regering. Volgens de organisaties had de vergunning niet verleend mogen worden. De regering heeft namelijk niet of onvoldoende naar de mensenrechten gekeken en de vergunning gaat voorbij aan de betrokkenheid van Egypte bij de oorlog in Jemen. Niet eerder vochten maatschappelijke organisaties een wapenexportvergunning langs deze juridische weg aan.

In september 2015 schreef de regering aan de Tweede Kamer dat ze een vergunning had verleend voor de export van militair materieel voor de Egyptische marine. De order heeft een waarde van meer dan 34 miljoen euro. In de brief van de regering staat weliswaar dat in Egypte ‘ernstige mensenrechtenschendingen’ plaatsvinden, maar dat die geen verband houden met het uit te voeren militair materieel. Dit omdat de wapens aan de marine, en niet aan het leger worden geleverd. Daarmee lijkt de regering geen rekening gehouden te hebben met de blokkade van Jemen, waar de Egyptische marine aan deelneemt, en met berichten dat de Egyptische marine op vluchtelingenboten heeft geschoten.

Nederland is verplicht om vergunningen voor wapenexport te toetsen aan mensenrechten en aan internationale verdragen. Het NJCM meent dat de regering de mensenrechtentoetsen bij deze vergunning niet, of niet goed, heeft toegepast. Ook denkt het NJCM dat de regering de feiten, met name rond de situatie in Jemen, onvoldoende of niet heeft meegewogen.

PAX en Stop Wapenhandel menen dat de verleende wapenvergunning slecht is voor de vrede en de situatie in het Midden Oosten. Frank Slijper van PAX: ‘Egypte levert grondtroepen en marineschepen voor de door Saoedi-Arabië geleide militaire operaties in Jemen. Door de maritieme blokkade is de humanitaire situatie in Jemen drastisch verslechterd en wordt gesproken van schendingen van het oorlogsrecht.’ Wendela de Vries van Stop Wapenhandel: ‘Bij het afgeven van exportvergunningen dient de regering de verhouding tussen sociale en militaire uitgaven in een land in ogenschouw te nemen. Bij de afgifte van deze vergunning lijkt dat helemaal niet gebeurd te zijn.’

Het eerdere bezwaar dat de drie organisaties indienden, werd niet ontvankelijk verklaard. De regering meent dat de organisaties geen belang hebben bij deze bestuursrechtprocedure. Eerder werden PAX en Stop Wapenhandel echter niet ontvankelijk verklaard door de civiele rechter omdat ze, volgens de civiele rechter en de regering, bij de bestuursrechter moeten zijn. Nu wil de regering die weg dus ook afsluiten.

Advocaat Jelle Klaas van PILP-NJCM: ‘Als organisaties als het NJCM, PAX en Stop Wapenhandel geen bezwaar tegen een dergelijke vergunning kunnen aantekenen, dan kan niemand dat doen’. De organisaties vinden dat het mogelijk moet zijn om een juridische discussie aan te gaan wanneer de Nederlandse staat besluit dat wapens geleverd mogen worden en de mensenrechten in het geding zijn.
Daarom tekenen zij vandaag beroep aan en vragen ze om een voorlopige voorziening bij de rechtbank om de vergunning te schorsen en zo de levering van de wapens te bevriezen totdat er een besluit genomen is over de ontvankelijkheid.

Voor meer informatie over dit dossier kunt u de Kamerbrief exportvergunning en het PILP dossier over Wapenhandel, export en mensenrechten raadplegen.

Share on LinkedInShare on FacebookTweet about this on TwitterShare on Google+