Tolken in de gezondheidszorg

Geen vergoeding tolken

Sinds 2012 worden tolken in de gezondheidszorg niet meer vergoed. Dit betekent dat zorgverleners minder goede zorg kunnen bieden aan mensen die de Nederlandse taal niet goed spreken. Dit is zorgelijk. Hoe moet een verloskundige aan een patiënt uitleggen wat een stuitligging is? Hoe kan een vrouw aan haar verloskundige vertellen dat zij tijdens haar eerdere bevallingen complicaties had?

Nu tolken in de gezondheidszorg niet meer worden vergoed, moeten zorgverleners (de arts, of verloskundige) dit zelf betalen. In de praktijk blijkt dit echter erg lastig. Zo kan voor verpleegkundigen, die hun eigen praktijk hebben, het inhuren van een tolk voor een uur meer kosten dan zij in een hele ochtend verdienen. Zij willen wel goede zorg bieden aan hun patiënten, maar hebben hier niet de middelen voor. Uit een recent onderzoek ingesteld door de KNMG (2016) blijkt dat de noodzaak om professionele tolken in te zetten drie keer groter is dan daadwerkelijk in de praktijk gebeurt.

Inbreuk op mensenrechten

Volgens het PILP kan het niet vergoeden van tolken in de gezondheidszorg een inbreuk vormen op het recht op gezondheid.

Iedereen in Nederland heeft recht op een zo goed mogelijke lichamelijke en geestelijke gezondheid. Dit mensenrecht is, onder andere, vastgelegd in artikel 12 Internationaal Verdrag inzake Economische, Sociale en Culturele Rechten en artikel 11 Europees Sociaal Handvest. Het recht op gezondheid houdt in, dat iedereen het recht heeft op voorzieningen, goederen en diensten en omstandigheden waarmee de hoogst mogelijke standaard van gezondheid kan worden bereikt. Wanneer tolken niet vergoed worden, zou dit de kwaliteit en de gelijke (en economische) toegankelijkheid van gezondheidszorg negatief kunnen beïnvloeden.

Ook volgens het College voor de Rechten van de Mens is de inzet van een tolk in de gezondheidszorg een mensenrecht, zo blijkt uit een opiniestuk. De minister van VWS vindt dat mensen die in Nederland wonen een eigen verantwoordelijkheid hebben om Nederlands te leren. Het is dan ook een ‘principiële keuze’ van de minister om geen tolken te vergoeden. Hierover zegt het College:

‘Onderscheid op grond van nationaliteit, taalbeheersing of verblijfsstatus is alleen toegestaan als daar een objectieve rechtvaardiging voor is. Dat is het geval als de maatregel een legitiem doel dient en het middel geschikt en proportioneel is om het doel te bereiken. Het niet vergoeden
van een tolk voor mensen die niet goed Nederlands spreken, heeft als doel hen te wijzen op hun eigen verantwoordelijkheid om Nederlands te leren. Echter, het is de zorgverlener en niet de patiënt die vanuit zijn plicht om goede zorg te bieden verantwoordelijk is voor het inschakelen
van een professionele tolk. Dat betekent dat de maatregel de verkeerde groep treft en daarmee niet geschikt is om het doel te verwezenlijken.’

Het onderscheid op grond van nationaliteit, taalbeheersing of verblijfstatus door het niet vergoeden van tolken zou dan ook niet geoorloofd zijn. Het PILP vermoedt ook dat het niet vergoeden van tolken in de gezondheidszorg een grotere inbreuk zal vormen op het recht op gezondheid van armere mensen die niet goed Nederlands spreken, omdat zij zelf geen tolk kunnen betalen. Ook dit is in strijd met het gelijkheidsbeginsel.

Tot slot, patiënten kunnen besluiten dit probleem op te lossen door een familielid of kennis mee te nemen. Maar dan blijft het nog wel de vraag of het medisch jargon voldoende vertaald wordt en dus goede zorg kan worden verleend. Bovendien komt hun recht op privacy in het geding.

Wat doet het PILP?

Het PILP kijkt samen met de KNOV naar dit probleem. Het PILP onderzoekt of, en op welke wijze, een juridische procedure kan helpen om het recht op (gelijke) gezondheidszorg te beschermen.

Onderzoek door PILPG

De Public International Law & Policy Group (PILPG), een onafhankelijke internationale onderzoeksgroep heeft dit onderzocht. PILPG bracht het juridische kader in kaart dat van toepassing is op de beslissing van de Nederlandse overheid om te stoppen met het vergoeden van tolken in de gezondheidszorg. Zij analyseerden de rol en de verantwoordelijkheid van de Nederlandse overheid, de gemeenten, de zorgverzekeraars en de zorgverleners in deze context. Ook bekeken ze het (internationaal) mensenrechtelijk kader.

Updates

Oktober 2016: het PILP heeft een oproep geplaatst in de nieuwsbrief van de KNOV om te kijken of en, zo ja, hoe het niet vergoeden van tolken het werk van verloskundigen beïnvloedt.

Share on LinkedInShare on FacebookTweet about this on TwitterShare on Google+